Advertenties

Feiten storen zich niet aan geloof

Natuurwetenschap gedijt alleen in vrijheid

Titelfoto: Pixabay CC0

Onze zintuigen geven ons een indruk van de wereld om ons heen. Met onze ogen ontvangen we elektromagnetische straling in het golflengtegebied van 4000-8000 Å. Met onze oren ontvangen we frequenties van 20 Herz tot 20 kiloHerz. Met onze neus krijgen we een indruk van onze chemische leefomgeving, terwijl onze tastzin informatie geeft over de fysische werkelijkheid om ons heen.

Dit leidt tot een stroom van waarnemingen, waarbij bedacht moet worden dat we een gigantische hoeveelheid verschijnselen die zich afspelen bij andere golflengten en frequenties geen weet hebben. Niettemin is de informatiestroom veel groter dan wat we instantaan kunnen verwerken.

Waarnemingen

Veel van de signalen die we opvangen zijn op een of andere manier bedreigend, dus de vraag is hoe we daar mee omgaan. De natuurwetenschappelijke methode gaat uit van de waarnemingen die in eerste instantie niet gerelateerd zijn, en probeert daar duiding aan te geven. Pas als er een zinvolle duiding is, kan adequaat op signalen vanuit de omgeving gereageerd worden. De kwaliteit van de duiding wordt afgemeten aan het succes van de op die manier tot stand gekomen respons op externe prikkels. Mocht het resultaat onvoldoende zijn, dan is er alle reden over een nieuw kader na te denken. De wisselwerking tussen waarnemingen enerzijds en theorievorming anderzijds is de grondslag van de natuurwetenschappelijke methode.

Succes

Welbeschouwd bestaat onze natuurwetenschap pas een paar honderd jaar. In die relatief korte periode heeft zij zich ontwikkeld tot een fundamenteel instrument dat aan de vooruitgang en rationaliteit van onze samenleving heeft bijgedragen op een manier die nauwelijks overschat kan worden. De kennisspiraal die is ontstaan tussen fundamentele wetenschap en technologische ontwikkeling heeft onze wereld in korte tijd onherkenbaar veranderd en het eind van deze ontwikkeling is nog lang niet in zicht. Het succes van de natuurwetenschappelijke methode is onmiskenbaar. De mens is dankzij de natuurkunde en verwante disciplines bevrijd uit de ketenen van de dogmatiek van een voorbij verleden.

Foto: withouthonor.co

Vrijdenkers

Natuurwetenschap is ten principale een discipline van individuele vrijdenkers. De natuurwetenschap heeft ongelooflijk veel te danken aan de schaarse onafhankelijke denkers die in staat waren buiten de door de samenleving gestandaardiseerde kaders te denken. De vraag of hun ideeën al dan niet juist waren, was onafhankelijk van de vraag hoeveel collega’s een dergelijk concept steunden. Wetenschap en collectiviteit staan dikwijls op gespannen voet met elkaar.

Bij natuurwetenschap geldt dat wie stelt bewijst. Dat uitgangspunt legt de lat hoog voor de initiator van nieuwe theorieën. Voor mogelijke critici is het leven iets eenvoudiger. Zij dienen ‘slechts’ aan te tonen dat de voorgestelde theorie niet of onvoldoende in overeenstemming met de waarnemingen is of niet consistent is. Deze wijze van natuurwetenschappelijk debat heeft zijn waarde onbetwistbaar en overtuigend bewezen. Wie stelt, krijgt de bewijslast op de schouders.

Politieke bemoeienis

De geschiedenis heeft aangetoond dat natuurwetenschap slechts kan bloeien en zich kan ontwikkelen in grote vrijheid. Vooringenomen standpunten, bijvoorbeeld vanuit de religie of vanuit de politiek, zijn de dood in de pot voor onafhankelijke wetenschap. Waar politieke of religieuze bemoeienis begint, eindigt de fundamentele natuurkunde. Vierhonderd jaar geleden speelde de ontwikkeling van de natuurkunde een cruciale rol bij de Verlichting, waarbij de natuurwetenschappelijke methode langzamerhand de religieuze en maatschappelijke dogmatiek verdrong. Juist nu, honderden jaren later, dient gevreesd te worden voor een terugkeer naar de periode van vóór de Verlichting. Met name de huidige politieke bemoeienis met fundamentele natuurwetenschap is desastreus. Men hoeft niet helderziend te zijn om te zien dat we daarmee op een rampzalige weg zijn.

Dilemma

Hiermee wordt overigens niet ontkend dat er een dilemma is. Modern natuurwetenschappelijk onderzoek is kostbaar, en de verleiding van de onwetende politiek om aan subsidiëring ervan voorwaarden te verbinden die feitelijk een rem op de ontwikkeling betekenen, is altijd aanwezig. Op dit punt valt overigens de natuurwetenschappers zelf veel te verwijten. De weerzin van alles wat met politiek te maken heeft is onder bèta’s wijd verbreid. Het aantal volksvertegenwoordigers met een bèta-achtergrond is minimaal, en dat is helaas te merken aan de kwaliteit van ieder debat waarbij natuurwetenschappelijke kennis onmisbaar is. Het is van het grootste belang voor onze samenleving dat deze kloof tussen natuurwetenschappers en politici ten spoedigste gedicht wordt. Ik ben daar overigens gezien de ontwikkelingen van de laatste jaren zeer somber over. In andere columns ben ik daar zeer expliciet over geweest.

Zoals zo vaak had Richard Feynman het met het citaat waarmee ik het eerste deel van deze serie begon opnieuw bij het rechte eind. Natuurwetenschap grossiert in controleerbare en reproduceerbare waarnemingen en feiten, maar ondanks dat regeert als basis voor verdere vooruitgang de twijfel. Bij religie, en ook helaas bij onze nationale politiek, overheerst het geloof ondanks het gebrek aan feiten. U hoeft niet te vragen bij welke manier van denken mijn voorkeur ligt.

© OpinieZ.com 2018. U kunt dit artikel delen via de knoppen onder de advertenties.

De OpinieZ-artikelen van Kees de Lange (volg twitter-icon @infocadl2015) vindt u HIER

Advertenties
%d bloggers liken dit: