Advertenties

Het monsterverbond tussen islamofascisten, feministen en antifa’s

Deel 4 @DonArturito Gaat Autobio

Wat mij nog het meest verbaast is het monsterverbond tussen islamofascisten, feministen en antifa’s. Sylvana, Anja Meulenbelt, professor Wekker, Abou Jahjah, Sunny Bergman, Greetje Duisenberg, Anne Fleur Dekker, de broeder van DENK, Peter Breedveld en Joke Kaviaar staan gebroederlijk en gezusterlijk naast elkaar onder Hamas-vlaggen, naast die Jerry Luther King uit de Bijlmer. Dat bizarre huwelijk tussen schijnbare tegenpolen is geworteld in de zogeheten Social Studies.

Etnische studies

In de jaren tachtig volgde ik Etnische Studies als bijvak aan de UVA. Etnische Studies viel onder andragogie, een net zo bespottelijke en overbodige fopstudie als Europese Studies. Ik harkte op dat schimmige instituut aan het IJsbaanpad achter het Olympisch Stadion 12 studiepunten weg met papertjes die ik in een uur schreef. 1 studiepunt staat gelijk aan 40 studie-uren (ter vergelijking: Arabische grammatica was een verschrikkelijk zwaar bijvak dat de helft van de studenten niet haalde en daar kreeg je dan slechts 3 studiepunten voor).

Met terugwerkende kracht begrijp ik dat het diversiteitscircus toen al een grote aantrekkingskracht uitoefende op idioten die uiteraard allemaal met vlag en wimpel slaagden. Philomena Essed maakte in die tijd al furore binnen Etnische Studies, evenals meneer Chris Mullard, een chique Engels-Jamaicaanse fopwetenschapper die binnen de UVA een etnisch adviesbedrijfje runde.

Diversiteitskermis

Chris liep altijd in peperdure maatpakken en was een echte bon-vivant. De playboy van de diversiteitskermis zeg maar. Toen bleek dat zijn etnisch adviesbureautje nogal schimmig was en dat zijn pakken en zijn exorbitante levensstijl uiteindelijk door de universiteit werden betaald, verdween hij met stille trom. De precieze details herinner ik me niet meer en alles rond de affaire Chris Mullard is van Google verwijderd, gek genoeg.

Essed was een beschermelinge van Mullard. Ik werkte bij De Groene Amsterdammer toen de toenmalige adjunct, Antoine Verbij (dat zijn herinnering tot een zegen mag zijn), een vlammende polemiek naar aanleiding van het proefschrift van Essed schreef. Verbij maakt zich vooral druk over een zinsnede uit dat proefschrift over alledaags racisme: ‘vrouwen en mensen uit etnische groepen’. Verbij: “Maar de auteur is ook een vrouw, meer nog, een feministe. En die zal toch niet écht menen dat etnische groepen uit ‘vrouwen en mensen’ bestaan. Of toch wel? Behoort zij tot de feministen die vinden dat vrouwen dermate superieur aan mannen zijn dat ze het mensenras zijn ontstegen en een eigen species vormen?”

Alledaags racisme

Er ontstond een enorme rel rond het proefschrift van Essed, dat door alle echte wetenschappers werd neergesabeld. Volgens Essed is Nederland een door en door racistisch land. Zelfs de ‘vrouwen van kleur’ die ze erover ondervroeg, wilden het niet erkennen. Pas na veel vragen komt naar boven hoe minachtend en kleinerend zij vaak behandeld worden. In de tram, op straat, in de supermarkt, op het werk, overal is racisme, in blikken, in frasen, in woorden, in procedures. Ze verzamelde al die voorbeelden in haar doctoraalscriptie en in het boek dat daarvan werd gemaakt: Alledaags racisme (uitgeverij Sara, 1984).

Verbij:

“Tegen zo veel waarheid was het racistische Nederland niet bestand. Diep boog het in het stof. Niemand had de durf het oordeel over de natie, met onaantastbare wetenschappelijke autoriteit uitgesproken, te betwijfelen. Essed was in die tijd getrouwd met tekstwetenschapper Teun A. van Dijk, nog zo’n fopwetenschapper. Overmoedig geworden door het succes van Esseds proefschrift waagde Teun A. van Dijk zich aan een aanval op de commandopost van het structureel racisme in Nederland: de intellectuele elite. Amper een jaar na Esseds promotie verscheen het onvervaard anti-islamitische pamflet De ondergang van Nederland, geschreven door Mohamed Rasoel. Al snel werd duidelijk dat Rasoel niet de echte auteur was. Om de verwarring over zijn identiteit zo groot mogelijk te maken stuurde de echte auteur de van oorsprong Pakistaanse variété-artiest Zoka van A. in uiteenlopende vermommingen op de pers af met de stellige bewering dat hij Mohamed Rasoel was en dat hij het boek wel degelijk had geschreven (slechts één keer versprak hij zich door te zeggen dat hij het boek had gelezen). Op dat moment besloot Teun A. van Dijk zijn onfeilbare instrument van de tekstanalyse in te zetten om de ware identiteit van de auteur te achterhalen. Het pamflet werd er aan de ene kant ingestopt, vervolgens meedogenloos in talloze nullen en enen ontleed, tot er aan de andere kant een duimdik rapport uit rolde dat met een verwaarloosbare onzekerheidsmarge aantoonde dat de ware auteur niemand minder was dan de spraakmakende columnist Gerrit Komrij”.

Gerrit Komrij

Gerrit kon altijd smakelijk lachen om de bevindingen van flapdrol Van Dijk. Zijn biograaf Arie Pos, mijn goede vriend die eveneens in Portugal woont, zal in zijn biografie als het laatste zegel functioneren inzake de Mohammed Rasoel-affaire. Met smakelijke onthullingen, kan ik nu al beloven. Antoine Verbij noemde de dollemansactie van Teun A. van Dijk – die immers de echtgenoot was van Philomena Essed – een typisch geval van een overspeelde hand.

Verbij:

”Je kunt de hele Nederlandse bevolking van racisme betichten, van de tramreiziger die niet op de lege plaats naast een ‘passagier van kleur’ gaat zitten tot de academicus die net iets te lang in de ogen van Philomena Essed kijkt, van de marktkoopman die een vrouw met hoofddoekje verbiedt in zijn avocado’s te knijpen tot de personeelschef die een Surinamer afwijst omdat die het op de werkvloer te moeilijk zou krijgen – de natie zwijgt schuldbewust. Maar wijs met één antiracistische vinger naar iemand die tot het meest onaanraakbare gilde van Nederland behoort, het columnistengilde, en tractorladingen vol tekstuele stront worden voor je deur leeggekieperd. Binnen de kortste keren werd Van Dijk de risee van de wetenschap en de paria van de vaderlandse intelligentsia. De antiracistische taalwetenschapper viel ten slachtoffer aan een waterdichte conspiracy of silence. Het werd stil, heel stil rond huize Essed & Van Dijk. De kieren van het minderhedendebat waar Essed en Van Dijk voordien hun antiracistische ijswind doorheen bliezen, werden dichtgeplamuurd, de boodschappers van de ongemakkelijke waarheid over het Nederlandse ‘elite-racisme’ werden monddood gemaakt”.

Goed, dit speelde zich allemaal een eeuwigheid geleden af, maar nu blijkt Essed dankzij fopprofessor Gloria Wekker een schitterende comeback te maken met haar spinazie-academietheorietjes. Het verbaast mij sowieso al dat Wekker – die Sylvana Simons min of meer als een intellectueel beschouwt – zoveel podia krijgt voor aantoonbare nonsens. Dagelijks volg ik New Real Peer Review op Twitter: @realpeerreview. Dag in dag uit geeft die club smakelijke voorbeelden van bespottelijke proefschriften en onzinnige wetenschappelijke onderzoeken, vrijwel altijd uit de gender/diversiteit/racisme-industrie.

Fopwetenschappers

Al die fopwetenschappers willen bijvoorbeeld het volk reformeren door de taal te zuiveren. Het afschaffen van het woord allochtoon heeft een Orwelliaanse kanttekening: door de ambtelijke taal te veranderen probeert de overheid een maatschappelijke discussie te beïnvloeden. De overheid impliceert hier namelijk mee dat het woord allochtoon ook op straat niet meer gebruikt mag worden. Onzin natuurlijk, in Amsterdamse cafés worden mensen nog steeds gewoon ouwe nicht, of ouwe neger genoemd. En zo hoort het ook.

Over wie hebben we het eigenlijk, als we het over een allochtoon hebben. Ik heb het nog nooit gebruikt als scheldwoord omdat het niet lekker bekt. De holle term is uitgevonden door de overheid en nu weer afgeschaft door diezelfde overheid omdat het respectloos, racistisch en kwetsend is. Mijn advies: schaf dan de termen gastarbeider en mohammedaan en muzelman ook maar af. Die zijn pas echt pejoratief! (Overigens mag je nog wel zeggen: vieze vuile niet-autochtoon!).

Jood

Voor mijn gewichtige bijvak Etnische studies deed ik een onderzoekje naar de term jood in de Van Dale en in de moeder van de Van Dale: het Groot Woordenboek der Nederlandse taal. Daarin stonden voor de oorlog ongeveer honderd uitdrukkingen over joden die bij nader inzicht wellicht kwetsend konden worden gevonden vanwege Auschwitz.

Vervang het woord jood maar eens door mohammedaan en kijken wat er gebeurt: hij voelt zich als een ham op een jodenbruiloft, hij voelt zich als een jood op schaatsen, aan de joden overgeleverd zijn, daar is van de jood bij, het is een dolende jood, er is een stukje af, net zoveel geld in de buidel hebben als een jood spek in de kast, op een jodenkerk lijken en de klassieker twee joden weten wat een bril kost. Allemaal gebruikt door de geniale jodenman Herman Heijermans in zijn schitterende en vooral rijke oeuvre.

Bottom line: de uitdrukkingen zijn weggezuiverd uit de Van Dale maar het antisemitisme triomfeert als nooit van tevoren, met dank aan met name abonnees van een niet nader te noemen niet-westere religie.

Neger

Als ik had geravot met de jongens in het bos, zei mijn moesje altijd: vieze Turk! Die uitdrukking is nu ook verboden. Heeft niks te maken met de ouders van Tunahan Kuzu maar met de Otttomanen, die overigens ook niet bepaald fris waren omdat ze gewoon in een gat in de Habsburgse grond hun behoefte deden en niet op een wc-pot zoals iedereen. De correcten onder ons zeggen ook vaak ‘Turkse mensen’ in plaats van ‘Turken’.

Eskimo’s moeten we nu Inuit noemen. En negers noemen we Afro-Amerikanen, zelfs als ze in de Bijlmer wonen. Ik herinner me Marciano Vink over Bryan Roy: “Een goeie neger.” Overigens noem je een neger in het Spaans een ‘negro’ en die term zie ik dagelijks in het extreem linkse en politiek correcte dagblad El Pais. In Portugal noemen Gutmenschen een neger een ‘preto’ en dat betekent zwarte. Geen haan die er naar kraait, maar wij op het Iberisch schiereiland hebben dan ook geen Quincy’s en Sylvana’s.

Over de auteur

Arthur van Amerongen
Arthur van Amerongen
Arthur van Amerongen (1959) is columnist van de Volkskrant en HP/de Tijd. Hij studeerde semitische talen en islam aan de Universiteit van Amsterdam. Zijn doctoraal-scriptie ging over de jihad en islamitisch extremisme in Algerije. Van Amerongen was correspondent te Jeruzalem en Beiroet, met als specialisme Hamas, Hezbollah en de Moslimbroeders. Zijn boek Brussel: Eurabia werd in 2008 genomineerd voor de AKO Literatuurprijs.
Twitter: @DonArturito

Meld je aan om te reageren.
avatar
1800
  Abonneren op reactie(s)  
Abonneren op