Advertenties

CDA en VVD 020 stellen vragen over lezing terrorist op VU

Het voormalige gereformeerde bolwerk van de vrijheid de Vrije Universiteit (VU) te Amsterdam lijkt zich de laatste jaren te ontpoppen als facilitator voor bijeenkomsten van antisemitische haatzaaiers , lezingen van haatimams en terreurminnende radicalinski’s.

Op 12 januari jl. stelde de VU lokaal HG-02A33 in haar universiteitsgebouw ter beschikking voor een lezing van de Palestijnse activist Khaled Barakat. Barakat is prominent lid van het Popular Front for the Liberation of Palestine (PFLP), een organisatie die in de EU, de VS en Canada op de lijst van verboden terroristische organisaties staat en verantwoordelijk is voor veel bloedige aanslagen op westerse en joodse doelen. De lezing werd georganiseerd door een groep extreemlinkse, pro-Palestijnse studenten onder leiding van de Maoïst Thomas van Beersum.

Bijna twee weken na dato is de Amsterdamse gemeenteraad wakker geworden. CDA en VVD hebben vandaag onderstaande vragen gesteld aan Burgemeester Van der Laan.


Schriftelijke vragen van de raadsleden Shahsavari-Jansen (CDA) en Yesilgoz-Zegerius (VVD) inzake een lezing van een spreker gelieerd aan een terroristische organisatie


Inleiding
Op 14 januari 2016 is een openbare lezing gegeven op de Vrije Universiteit in Amsterdam getiteld “The Third Intifada,” op uitnodiging van “Studenten voor Rechtvaardigheid in Palestina,” een groep opgezet door studenten. Deze lezing werd gegeven door Khaled Barakat, die is verbonden aan de Popular Front fort he liberation of Palestine (PFLP) en daar een prominente positie inneemt. Deze organisatie wordt door de Europese unie aangemerkt als een terroristische organisatie en is verantwoordelijk voor o.a. vliegtuigkapingen en terroristische aanslagen met burgerslachtoffers. Zo nam de PFLP verantwoordelijkheid voor de aanslag op een synagoge op 18 november 2014, waar vier mensen werden gedood, en in juni 2015 voor een andere aanslag waarbij een persoon omkwam. De komst van deze spreker heeft bij sommige Amsterdammers dan ook tot grote onrust geleid. Uiteraard heeft elke organisatie het recht om sprekers uit te nodigen en lezingen te organiseren over wat dan ook. Het CDA hecht zeer aan de vrijheid van meningsuiting, en aan de genuanceerde visie die de burgemeester uiteen heeft gezet in de brief van 10 maart 2015 n.a.v. de Argan-casus over de rol van de gemeente bij controversiële demonstraties, lezingen en bijeenkomsten. Een eventuele reactie of handeling vanuit de gemeente is eerder gepast naarmate de betrokkenheid van de gemeente groter is. Toch spreekt het college zich regelmatig ook uit als zij geen directe betrokkenheid heeft. Zo schreef de burgemeester in 2005 en een brief aan de RAI en in 2010 aan de Groote Industriële Club over de onwenselijkheid van een wapenconferentie in de stad, heeft de burgemeester de Melkweg in 2010 gewezen op haar verantwoordelijkheid ten aanzien van het voorkomen van discriminerende uitingen bij het optreden van een hiphopgroep, en heeft de gemeente in 2011 het Amsterdam University College geadviseerd om geen ruimte te bieden voor een lezing van een veroordeelde holocaustontkenner.

Hierover de volgende schriftelijke vragen:


1.Was de gemeente dan wel de politie op de hoogte van de komst van deze spreker? Is hierover contact geweest tussen de organisator, de gemeente, de VU en/of de politie, of een andere overheidsorganisatie? Heeft de gemeente een ambtsbericht ontvangen van de AIVD?


2.Heeft een afweging plaatsgevonden over de vraag in hoeverre de komst van een dergelijke spreker zou kunnen leiden tot onrust of onveiligheid in de Amsterdamse samenleving? Heeft voorts een afweging plaatsgevonden over de vraag in hoeverre een dergelijke spreker uitspraken zou kunnen doen die in strijd zijn met de wet, bijvoorbeeld door op te roepen tot geweld of discriminatie, danwel uitspraken zou kunnen doen die geweld verheerlijken of vergoelijken? Zo nee, hoe oordeelt het college achteraf over de vraag of een dergelijke afweging gemaakt had moeten worden?


3.De Argan-brief behandelt veel gevallen waarbij de gemeente vreesde dat er tijdens de geplande bijeenkomst strafbare feiten zouden kunnen plaatsvinden of verstoringen van de openbare orde. In dit geval speelt echter ook dat de betreffende persoon, ook als bij het evenement zelf geen strafbare feiten pleegt, dat op andere momenten wel zou doen. Hier werd dus een podium geboden aan iemand die, in ieder geval op andere momenten, geweld zou plegen en/of verheerlijken, en verbonden is aan een organisatie die zelfs trots is op het feit dat men burgerslachtoffers maakt. Hoe gaat de gemeente om met dergelijke gevallen? Hoe verhoudt deze bijeenkomst aan de VU zich tot het beleid en de casussen zoals beschreven in die brief?


4.Welke opstelling acht de burgemeester noodzakelijk wanneer iemand die is verbonden aan een terroristische organisatie naar Amsterdam komt om een lezing te geven?


5.Hoe wordt het voorkomen van dergelijke controversiële bijeenkomsten door de gemeente gemonitord? Doen de gemeente en/of politie dat zelf actief, of wordt pas eventueel opgetreden als maatschappelijke commotie ontstaan, en mensen de gemeente om een reactie vragen? Graag een toelichting.


M.D. Shahsavari-Jansen
D. Yesilgoz-Zegerius

Over de auteur

Asher
Asher
* Hoofdredacteur-Chief Editor http://OpinieZ.com * 🇳🇱 * Historicus * recht, kracht, democratie&vrijheid * volg @OpinieZMagazine *
Advertenties

3

Reacties zijn welkom. Graag kernachtig, niet meer dan 15 regels (ca. 200 woorden). Er wordt gemodereerd. De spelregels staan in de voettekst. De redactie gaat niet in discussie over geweigerde reacties.

  Abonneren  
nieuwste oudste meest gestemd
Abonneren op

Waar bleef het bestuur vd VU? Normaal moeten deze de agenda weten en ingrijpen.

Het bestuur van de VU is vooraf in ieder geval door mij per mail geinformeerd over de voorgenomen lezing. Geen reactie.

Cool Pete

Op z’n MINST, moet de Overheid een lijst met figuren [ o.a. haat-imams ] opstellen,
die een visum en daarmee toegang tot ons land, geweigerd wordt; en dat HANDHAVEN.