Advertenties
Recent:

4 mei: het ondenkbare herdenken

Net als bij miljoenen mensen in Nederland is 4 mei voor mij een dag van historische reflectie, maar ook een moment om stil te staan bij de manier waarop mijn eigen familie getroffen werd door de oorlog. Aan moederskant sneuvelde haar vader op 27/28 februari 1942 aan boord van Hr Ms De Ruyter, het vlaggenschip van een geallieerde vloot die de Japanse invasie moest voorkomen.
 
Titelfoto: Blauwbrug februari 1941 by Live Electrode is licensed under CC BY-NC 2.0

Amsterdam
Toch gaan mijn gedachten op 4 mei vooral naar Amsterdam. Tenslotte ben ik een rasechte tiende generatie Amsterdammer, al woon ik inmiddels al weer dertien jaar naar volle tevredenheid in Rotterdam. Als kind bezocht ik vaak de herdenking aan de Apollolaan in Amsterdam-Zuid. Ik vond het een mooi en plechtig moment: de mannen in verzetsuniform, het spelen van de taptoe, de minuut stilte soms doorbroken met het getjilp van een vogeltje, tenslotte het zingen van het Wilhelmus.

Amsterdam, waar het ondenkbare gebeurde, zo gruwelijk dat het eigenlijk nog steeds niet is te bevatten: ongeveer 75.000 tot 80.000 van haar joodse burgers, een over het algemeen goed geïntegreerde minderheid die zorgde voor wat meer élan, humor en gezelligheid in de stad, werd meedogenloos afgevoerd en om het leven gebracht. We kennen allemaal Anne Frank en Etty Hillesum door hun prachtige dagboeken, waardoor het leed van de slachtoffers na de oorlog misschien beter doordrong.

Wonden
Dit gruwelijke gegeven heeft wonden geslagen, die nooit meer geheeld zijn. Op de eerste plaats bij de overlevenden en de nabestaanden. Maar ook de stad Amsterdam is er misschien nooit helemaal van hersteld, als je het – ik geef toe, een vaag begrip – spiritueel bekijkt. Het is een wrang gegeven, waarbij ik wel eens stilsta als ik hoor hoe allerlei GroenLinks- en D66-types in de gemeenteraad hun anti-Israel hobby uitoefenen. Wat weet jij nu van Amsterdam, denk ik dan wel eens, want in de gemeenteraad van Amsterdam zitten tegenwoordig niet veel mensen die er ook geboren zijn.

Joodse geschiedenis
De Joodse geschiedenis van Amsterdam en de gruwel van de Holocaust lopen op een vreemde manier door mijn eigen familiegeschiedenis heen, vooral die van mijn grootvader Dr. Jan Gajentaan (1902 -1987). Voor de oorlog had hij een vrij groot netwerk van joodse vrienden en relaties, waaraan hij veel te danken had. Zo had je politicus en huisarts Maurits “Maupie” de Hartogh die zorgde dat mijn opa in het ICA (Initiatief Comité Amsterdam) kwam en in 1950 Sinterklaas werd. Er was uitgever Andries Blitz (eigenlijk Blits geheten) die in 1940 opa’s boek “Volgende Patiënt” uitgaf. Of mijn grootvader’s goede vriend Max Goldenberg, een leidende figuur uit het joodse verenigingsleven van de hoofdstad, die samen met mijn opa in tal van comités zat in het interbellum.

Maurits de Hartogh zou het concentratiekamp Theresienstadt ternauwernood overleven, Andries Blitz werd in 1942 vermoord in Auschwitz, Max Goldenberg en zijn vrouw Hanna kwamen om in 1945 in Bergen-Belsen, vlak voor het einde van de oorlog.

Aus der Fünten
Als om aan te tonen hoe bizar het leven kan zijn kwam één van de grootste oorlogsmisdadigers in ons land, Ferdinand aus der Fünten (één van de Drie van Breda) ooit met zijn zieke hond langs in onze dierenartsenpraktijk in de Johannes Verhulststraat. Mijn opa kon niet veel anders doen dan dit monster, dat van 1941 tot 1943 leiding gaf aan de Zentralstelle für Jüdische Auswanderung dus aan de feitelijke deportatie van en moord op talloze joodse Amsterdammers, te helpen met zijn hond.
Terwijl de Nazi zich in de spreekkamer bevond met zijn hond paradeerde mijn oma, die over een gezonde dosis Amsterdamse humor beschikte, door de gang met zijn pet. Waarschijnlijk realiseerde zij zich op dat moment niet hoe gevaarlijk deze Ferdinand aus der Fünten was.

Na de oorlog spraken mijn opa en oma nooit over deze episode. Nederland moest weer opgebouwd worden. Nog altijd zijn de historici er nog niet over uit waarom nu juist in het vredige Nederland zo’n hoog percentage slachtoffers viel van de onversneden jodenhaat van de nazi’s. Zelfs meer dan in Duitsland zelf.

Februaristaking
In een studie van de historici Zeller en Griffioen uit 2011 worden een aantal mogelijke verklaringen gegeven. Bizar genoeg blijkt uit deze studie dat juist de Februaristaking in 1941 – die ene moedige daad van collectief verzet waarvan je zou hopen dat er meer waren geweest – een averechts gevolg te hebben gehad. Want juist de Februaristaking was de reden waarom de nazi’s kozen voor een bijzondere wijze van deporteren in Nederland. Het neemt overigens niet weg dat een te groot deel van de Nederlandse overheid meewerkte of wegkeek bij de deportaties en regering en vorstin in Londen veel te passief waren. Om nog maar niet te spreken van de vele walgelijke verraders in ons land, die joodse burgers aangaven voor een kleine premie.

Oorlogsduitser
Het is een bijna gekmakende gedachte. Ergens begrijp ik wel waarom mijn grootouders na de oorlog liever zwegen. Zo veel waanzin is niet in woorden uit te drukken. Totdat mijn opa in 1965 ineens de brui gaf aan zijn activiteiten voor het Oranje-Comité waarvoor hij zich zijn hele leven met al zijn passie had ingezet. Want huwelijkskandidaat Claus was een “oorlogsduitser”. Die moesten we niet hebben als Prins der Nederlanden, zeker niet als er ook nog eens in Amsterdam getrouwd zou worden, aldus opa.

Via Twitter vernam ik laatst van ex-CIDI-directeur Esther Voet dat van alle Oranje’s juist prins Claus degene was, die het meest een oprechte liefde koesterde voor Israël. Als om te illustreren dat niet alles is wat we denken: you can’t judge a book by its cover.

Misschien is dat een mooie wijsheid om vast te houden op deze 4 mei, waarop we wederom proberen het ondenkbare te herdenken.


© OpinieZ.com 2017

Advertenties
About Jan Gajentaan (20 Articles)
Amsterdammer in Rotterdam, blogger, schrijver van e-books, voetbalvader, Volvo 940 rijder, in het dagelijks leven Recruitment / Human Resources Consultant.
%d bloggers liken dit: