Advertenties

Het leed dat Grote Grazers heet

De Oostvaardersplassen en de mythe van de Oernatuur

Titelfoto: Koniks in de Oostvaardersplassen. Screenshot door redactie OpinieZ van YouTube-video, kanaal Mark Roffelsen

Het is alweer ruim 35 jaar geleden dat ik als ambtenaar zijdelings betrokken was bij wat nu bekend is als de Oostvaardersplassen. Ooit ontstaan toen in een uithoek van de Flevopolder bij het inpolderen water bleef staan. Daar ontwikkelde zich spontaan een moeras, dat met riet werd ingezaaid. Omdat er geen dringende noodzaak was tot verdere ontwikkeling, besloot men die uithoek voorlopig maar met rust te laten.

Biologen en vogelaars troffen hier een unieke biotoop aan, dat zich wel eens met het nabij gelegen Naardermeer zou kunnen gaan meten. Ook al omdat planologen in die polder een stedelijke ontwikkeling met meerdere woonkernen (Almere) hadden bedacht – een soort ‘contramal’ van Het Gooi –vonden die ideeën voor een natuurgebied daar in de buurt bij de ingenieurs van de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders gehoor. Het was de tijd waarin aandacht voor ‘milieu’, vergroening en vertrutting op adhesie konden rekenen.

Draagvlak

Ook bij de vaak als natuurvernielers afgeschilderde Waterstaatsingenieurs, die zich verantwoordelijk voelden – en waren – voor het onderhoud en de aanleg van infrastructuur, de beveiliging van het land tegen overstromingen en voor de afronding van de Zuiderzeewerken. Een (tweede) luchthaven in de nog in te polderen Markerwaard was toen al weggestemd en dat sluitstuk van Lely’s plan werd, op de Houtribdijk (tussen Lelystad en Enkhuizen) na, ook niet meer voltooid. Kortom: het was een tijd waarin er voor de verlangens van de milieubeweging en bevlogen biologen een groot draagvlak was.

Naarmate de jaren verstreken ontstond in het drassige moeras een wildernis; een waar eldorado voor natuurliefhebbers. Na enige aandrang werd ook het tracé van de spoorlijn vanaf Amsterdam, via een aftakking bij Weesp, naar de te ontwikkelen woongebieden in Almere en naar Lelystad, gewijzigd. De aan te leggen spoorlijn zou aanvankelijk het gebied doorsnijden en dus werd die via een boog (in Waterstaatskringen vanwege zijn vorm ‘de badkuip’ genoemd) er om heen geleid. Met een kade werd de afgrenzing van het natuurgebied in wording ‘bezegeld’.

Grote grazers

In die periode liep de jonge bioloog Frans Vera, medewerker bij Staatsbosbeheer de deuren op het ministerie plat. Zijn ideeën voor verdere natuurontwikkeling in dat gebied vonden een gewillig oor bij ambtenaren van de bij de inrichting van de nieuwe polder betrokken ambtelijke diensten.

Foto: Topografische kaart Oostvaardersplassen – J.W. van Aalst CC BY-SA 3.0

In het waterrijke deel van het gebied, dat ruim 5700 ha. (ongeveer 10 bij 6 km) groot is, waren inmiddels grote kolonies grauwe ganzen en andere watervogels neergestreken. Om het drogere gedeelte open te houden bepleitte Vera een vorm van ‘natuurlijk beheer”: grote plantenetende zoogdieren zouden voor ’natuurlijke dynamiek’ moeten zorgen. En zo werden de Grote Grazers geïntroduceerd: Heckrunderen, wilde paarden, Koniks en edelherten.

Oernatuur-mythe

Voor een deel dus soorten die hier niet van nature thuishoren, maar zich in het wild prima kunnen redden zonder menselijke verzorging . Aan die Heckrunderen is trouwens een bijzonder verhaal verbonden: vóór de Tweede Wereldoorlog probeerden de Duitse gebroeders Heck het Europese oerrund terug te fokken en ze kregen daarbij steun van de Nazi’s. Zowel rond het Heckrund als het Konikpaard hangt een bedenkelijke mythe van de Europese ‘Oernatuur’.

En het is juist die mythe die in mijn ogen zo akelig botst met de huidige beleving van de Oostvaardersplassen, met die romantiek van een “Nieuwe Wildernis”. Elke keer wanneer het winterweer toeslaat zien we dezelfde taferelen: bezorgde burgers die te hoop lopen en de Grote Grazers willen bijvoeren, omdat ze niet kunnen leven met het lijden van hongerige dieren in doodsnood. Voor de deskundigen is dit menselijk ingrijpen onverantwoord en onnodig: volgens hen moet de natuur z’n gang gaan en de sterkste overleven. Alhoewel natuur? Grote delen van deze ‘nieuwe wildernis’ zijn inmiddels verworden tot een desolate, kaalgevreten steppe.

Overbevolkt

Hier wringt de schoen: de mythe dat het mogelijk is om in dit overbevolkte land een oerlandschap, ‘echte natuur’, te scheppen, op een natuurlijke wijze te beheren en in stand te houden; ik geloof daar niet in .

We kennen het probleem van de overlast van damherten in het Amsterdams Waterleidinggebied, de overbevolking van wilde zwijnen op de Veluwe en nu de akelige taferelen met de doodsnood van elders geïmporteerde Grote Grazers. Uitbreiding van hun gebied door ecologische verbindingszones (corridors) zal ook weinig soelaas bieden: de bosgebieden langs de randmeren (Zeewolde) zijn ook geen ‘echte’ natuur en de Veluwe wordt doorsneden met wegen en fietspaden en is bezaaid met woonbebouwing, campings en huisjesparken.

Bloem dichtte al in de jaren dertig, toen Nederland nog geen 10 miljoen inwoners telde:

Natuur is voor tevredenen of legen.

En dan: wat is natuur nog in dit land?

Een stukje bos, ter grootte van een krant,

Een heuvel met wat villaatjes ertegen

(De Dapperstraat)

© OpinieZ.com 2018. U kunt hieronder reageren op dit artikel. Ook kunt u het artikel delen met anderen via de knoppen onder de advertenties.

De OpinieZ-artikelen van Freek van Beetz (volg twitter-icon @fvbeetz) vindt u HIER

Over de auteur

Freek van Beetz
Freek van Beetz
Freek van Beetz, studeerde Planologie en Politicologie, was van 2001-2010 adviseur van de MP van de Ned.Antillen. Auteur van Uitzicht op Zee (roman, 2015) en van Het laatste Kabinet (2010) en Het einde van de Antillen (2013).www.freekvanbeetz.nl

6

Reageer! Er wordt gemodereerd.

  Abonneren  
nieuwste oudste meest gestemd
Abonneren op
Wim Odekerken

De mooiste natuur ontstaat daar waar de mens met zijn vingers afblijft. Er kan geen “natuurlijke” natuur zijn als er geen gesloten voedselketen is met de daar bijbehorende roofdieren zoals wolven en beren. Ondanks de zogenaamde natuurlobby ons wil doen geloven is in een overbevolkt land als het onze geen plaats meer voor deze dieren. Honden dienen aangelijnd te zijn maar wolven mogen loslopen en de schade die zij aanrichten bij de veeboeren wordt weggepoets door een greep uit de zoveelste subsidie pot. Kijk maar weer eens naar de uitgezette bevers die moesten zorgen voor een difirentiering van ons gekanaliseerde landschap. Doordat ook deze geen natuurlijke vijanden hebben is het een plaag geworden waar alleen nog afschieten een oplossing is. Diegene die dit verzonnen heeft zou zich hierover moeten verantwoorden, ook in financieel opzicht. Als de omstandigheden goed zijn herstelt de natuur zich vanzelf. Kijk naar de terugkomst van de linx en wilde kat in Zuid Limburg, de slechtvalk en de steenmarter die in de de steden een nieuwe plaats innemen in de voedselketen. De natuur heeft de mens niet nodig om in van te voren vastgestelde vakjes dieren te plaatsen waarvan wij vinden dat die er thuis horen. Maak in uw tuin eens een vijvertje en zet daar niet de geijkte koikarper of goudwinde in, maar laat deze er gewoon bijliggen. U zult versteld staan wat dit aantrekt aan kleine dieren. Nogmaals: mens blijf met je handen van de natuur af, dan wordt hij vanzelf mooi.

Willem van Putten

Ik meen dat het in de jaren ’80 was dat op de Veluwe alle moeflons en damherten afgeschoten moesten worden van Staatsbosbeheer omdat die soorten hier van oorsprong niet voorkwamen. Niet veel later werden tot mijn grote verbazing de Schotse hooglanders geintroduceerd. En weer later de bewuste Grote Grazers. Het zou allemaal wel wat consequenter mogen zijn. Dit beleid lijkt meer op hobbyisme.

Freek van Beetz

Het is een gevaarlijk hobbyisme, gebaseerd op waanideeen

Annemie

Freek van Beetz heeft gelijk in zijn artikel. De bevlogenen van de milieusector haalden hun gelijk in de jaren, dat de financien en de milieu-idealen tot in de hemel toenamen. Maar niemand realiseerde zich, dat het ontwerp van de Oostvaardersplassen in feite een grote dierentuin is. Met dit verschil, dat de dieren aan hun lot zijn overgelaten. Met de fictie van het “oerbestaan” is een levensgrote fout begaan. In Nederland kan geen Oerleven bestaan. Nederland is een ambtenarenland, waar ieder plekje in kaart is gebracht. Daar kunnen vrije dieren niet leven. TENZIIJ…. iedereen te laat erkent, dat het plan van de Oostvaardersplassen mislukt is. Ten koste van de vrije dieren, helaas. Probeer de dieren te plaatsen in Oost Europa, waar nog wel terreinen bestaan waar dieren vrij kunnen leven, en nieuwe grond kunnen zoeken als de oude grond totaal uitgemergeld is, zoals in de Oostvaardersplassen.

Wat ik hier mis is of deze dieren als er geen eten is wegtrekken naar andere gebieden als dat mogelijk is of blijven ze staan en wachten op de dood.

Freek van Beetz

Het gebied is omheind; een mega hertenkamp….