Thorbecke 2.0: investeer in een nieuwe democratische rechtsstaat
Zo gaat werken weer lonen
- Thorbecke 2.0: investeer in een nieuwe democratische rechtsstaat - 3 oktober 2026
- Ons vastgelopen landsbestuur heeft Thorbecke 2.0 nodig - 30 september 2026
- Het stikstofbeleid is gebouwd op een verzinsel - 25 juni 2026
Deel 1 van dit tweeluik liet zien dat de overheid zich in onze huidige democratische rechtsstaat, Thorbecke 1.X, gedraagt als ‘Rupsje Nooitgenoeg’. Al decennialang trekt zij steeds meer taken naar zich toe en schrijft zij het gedrag van de burger in steeds meer detail voor. De overheidsuitgaven blijven daardoor toenemen, alle politieke partijen doen eraan mee – en werkend Nederland is de klos. De premie- en belastingdruk voor werkgevers en werknemers is daardoor onhoudbaar geworden. Professor Guus Berkhout laat in deel II van dit tweeluik met praktische voorbeelden zien hoe het anders kan.
In Deel I3 werd duidelijk gemaakt hoe in de komende jaren dat plaatje kan worden omgedraaid: de uitgaven van de overheid moeten drastisch omlaag, waardoor een einde gaat komen aan de toenemende lastendruk voor werknemers en werkgevers. Let wel, zo’n grondige hervorming zal niet gebeuren in het huidige kabinet, het zal ook niet gebeuren door het uitschrijven van nieuwe verkiezingen. Onze huidige rechtsstaat moet hoognodig op de schop: “Van Thorbecke 1.X naar Thorbecke 2.0”.
In dit artikel wordt met praktische voorbeelden concreet aangegeven dat in de nieuwe democratische rechtsstaat, Thorbecke 2.0, de bestuurlijke verkokering4 en de gigantische bureaucratische verspillingen met wortel en tak worden uitgeroeid. We gaan daarmee van een bizarre ingewikkeldheid naar een verbluffende eenvoud. Het levert zo’n €200 miljard besparingen op, waarmee niet alleen de lastendruk aanzienlijk daalt, maar ook de grote problemen kunnen worden opgelost.
Gezamenlijk bsi-fonds
Het brede brede startinkomen5 (bsi) heeft grote gevolgen voor de manier waarop het bruto-inkomen wordt belast. In Thorbecke 2.0 wordt uitgegaan van een startinkomen van €1.250 per maand. Omdat dit bedrag vrij is van premies en belastingen wordt de effectieve belastingwig automatisch kleiner. Voor een premie- en belastingdruk van 30% betekent dit dat voor werkgevers de loonkosten per werknemer gegarandeerd gaan dalen met 30% van het startinkomen, terwijl voor elke werknemer het nettoloon gegarandeerd omhooggaat met 30% van het startinkomen.
Omdat het premie- en belastingvrije startinkomen wordt uitbetaald door de overheid – voor tien miljoen werknemers jaarlijks tien miljoen × €15 duizend = €150 miljard – wordt in het Masterplan voorgesteld dat ondernemers gezamenlijk dit bedrag terugbetalen door hun bijdrage te storten in een nieuw op te richten bsi-fonds. De ene helft (€75 miljard) wordt gebruikt om het startinkomen mede te financieren, de andere helft (€75 miljard) wordt geïnvesteerd in de Nederlandse Investerings- en Innovatiebank (I&I-bank) ten behoeve van onze nationale infrastructuur en onze nationale veiligheid. Het is opmerkelijk dat tot nu toe zo weinig Nederlandse organisaties investeren in eigen land. Denk hierbij aan onze pensioenfondsen.
Praktijkvoorbeelden
Hoe gaat dat in de praktijk? Hierbij twee voorbeelden.
Voorbeeld 1: een snelgroeiende scale-up
Om te beginnen een voorbeeld van een scale-up met honderd medewerkers. Voor het gemiddelde bruto-inkomen wordt €5.000 per maand gebruikt. Daarvoor geldt:
In het huidige stelsel (Thorbecke 1.X)
| Bruto-inkomen | €5.000,- p.m. |
| Loonsom werkgever | €6.500,- p.m. |
| Nettoloon werknemer | €3.500,- p.m. |
De belastingwig bedraagt daarmee €6.500 – €3.500 = €3.000 per medewerker per maand. Voor de scale-up betekent dat een belastingdruk van 100 × 12 × €3.000 = €3,6 miljoen per jaar.
In het nieuwe stelsel (Thorbecke 2.0)
| Bruto-inkomen | €5.000,- p.m. |
| Loonsom werkgever | €6.125,- p.m. |
| Nettoloon werknemer | €3.875,- p.m. |
Het netto voordeel voor de werknemer is aanzienlijk: €3.875 – €3.500 = €375,- per maand (30% van het startinkomen). Dat is 12 × €375 = €4.500 per jaar. Voor de honderd medewerkers is dat dus 100 × €4.500 = €450.000,- per jaar.
Voor de werkgever – in dit voorbeeld de scale-up – zijn de voordelen nog groter. Immers, het voordeel voor de werkgever is niet alleen een gegarandeerde lagere loonsom – net als bij de werknemer 100 × €4.500 = €450.000 per jaar – maar ook dat het belastingvrije startinkomen wordt uitbetaald door de overheid (gegarandeerde bestaanszekerheid).
Dat is €1.250 per medewerker per maand of 12 × €1.250 = €15.000 per jaar. Voor de scale-up met honderd medewerkers is dat 100 × €15 duizend = €1,5 miljoen per jaar. Dit bedrag wordt door de scale-up gestort in het bsi-fonds. De ene helft (€750.000,-) gaat naar de overheid voor de financiering van de bestaanszekerheid, de andere helft gaat naar de I&I-bank ten behoeve van investeringen in onze infrastructuur en onze binnenlandse veiligheid.
Voorbeeld 2: een lagelonenbedrijf
Hierbij een tweede voorbeeld, maar nu van een bedrijf met uitsluitend laag- en ongeschoolde werknemers, zoals we die vinden in de agrarische sector en in de schoonmaakbranche. Die werknemers zitten in de minimumloonschaal. In 2026 bedraagt het bruto minimumuurloon €15,-. Dat is netto €12,75 per uur bij een premie- en belastingdruk van 15%.
Voor een 32-urige werkweek – 130 werkuren per maand – bedraagt het netto minimummaandloon dus 130 × €12,75 = €1.650,-. Maar iemand die zonder werk zit en uitkeringen en toeslagen stapelt, ontvangt in Thorbecke 1.X al snel €2.000,- per maand. In het huidige stelsel loont werken dus zeker niet! Daarom is het geen verrassing dat we in onze beroepsbevolking al 1,5 miljoen inactieven kennen.
Werken gaat weer lonen
Hoe zit dat in het nieuwe stelsel (Thorbecke 2.0)? Iemand zonder werk ontvangt in ieder geval het startinkomen van €1.250,- per maand (bestaanszekerheid). Uiteraard komt daar de gratis basiszorg van €150,- nog bovenop. Om werken lonend te maken zal het minimumloon aanzienlijk hoger moeten zijn. Voor een 32-urige werkweek en een netto-uurloon van €7,75 bedraagt het netto-inkomen van die persoon €1.250 + 130 × €7,75 = €2.250,- per maand. Dat is dus €1.000,- per maand meer dan de bestaanszekerheid. Ja, werken loont in Thorbecke 2.0:
‘Werken loont?’ in Thorbecke 1.X (2026)
| Bijstand + toeslagen | €1.350,- + toeslagen1 |
| Nettominimumloon | €1.275,- + toeslagen1 |
| Netto modaal inkomen | €2.800,- + toeslagen1 |
1 Een troebel, frauduleus, inkomensafhankelijk uitdeelcircus, waarbij uitkeringstrekkers worden gekort als ze (meer) gaan werken en/of samenwonen. Bij emigratie gaat de uitkering gewoon door.
‘Werken loont!’ in Thorbecke 2.0 (2030)
| Bestaanszekerheid2 | €1.250 + €150 = €1.400,- |
| Nettominimumloon | €2.250 + €150 = €2.400,- |
| Netto modaal inkomen | €3.400 + €150 = €3.550,- |
2 Bedragen zijn inkomensónafhankelijk en worden niet gekort als personen (meer) gaan werken en/of samenwonen. Werken loont! Bij emigratie stopt de bestaanszekerheidsondersteuning.
Voor de werkgever – in dit voorbeeld het lagelonenbedrijf – zijn de voordelen nóg groter. Immers, het voordeel voor de werkgever is niet alleen een gegarandeerde lagere loonsom (15% van het startinkomen) – voor honderd werknemers 100 × €2.250 = €225.000 per jaar – maar óók dat het belastingvrije startinkomen wordt uitbetaald door de overheid. Dat is €1.250 per medewerker per maand of 12 × €1.250 = €15.000 per jaar.
Voor het lagelonenbedrijf met honderd medewerkers is dat 100 × €15 duizend = €1,5 miljoen per jaar. De helft van dit bedrag (€750.000) wordt door het lagelonenbedrijf gestort in het bsi-fonds, de andere helft wordt geïnvesteerd in de I&I-bank. Een interessant extra is dat, mede door de nieuwe box 3 in Thorbecke 2.0, investeren in eigen land weer gaat lonen!
De rijksbegroting in Thorbecke 1.X en 2.0
De grote gevolgen van het Masterplan kunnen we kort samenvatten door te kijken naar het effect op de rijksbegroting:
Rijksbegroting huidige zorg- en zekerheidsstelsel (2026)
| Zekerheidsstelsel | €120 miljard |
| Zorgstelsel | €120 miljard |
| Bijdrage AOW-premies | €30 miljard + |
| Totaal | €270 miljard |
Rijksbegroting nieuwe zorg- en zekerheidsstelsel (2030)
| Pro-deo startinkomen | €200 miljard |
| Ultramodern zorgsysteem NGZ | €120 miljard |
| Gratis basiszorg | €25 miljard + |
| Subtotaal | €345 miljard |
| Werkgeversbijdrage via bsi-fonds | €75 miljard – |
| Totaal | €270 miljard |
In deze rijksbegrotingen zijn niet opgenomen de gigantische verspillingen die plaatsvinden in de huidige asielchaos, alsmede de vele onzinnige subsidies waarmee de overheid jaarlijks in het binnen- en buitenland strooit (zie de rapporten van de Algemene Rekenkamer2). Daarmee ziet het werkelijke financiële plaatje van Thorbecke 2.0 er nóg veel beter uit.
Oproep aan politici, werkgevers en werknemers
Met de overgang naar een eigentijdse editie van onze democratische rechtsstaat – van Thorbecke 1.X naar Thorbecke 2.0 – gaan we een absurde complexiteit inruilen voor een verbluffende eenvoud. De beloning zal zijn dat de geldverslindende verkokering, bureaucratische regelbrij en de daarbij behorende sociale fraude6 uit al onze maatschappelijke sectoren zullen verdwijnen. De daarmee gepaard gaande gigantische besparingen van zo’n €200 miljard gaan deze bestuurlijke transitie financieren. Met name werkend Nederland zal er aanzienlijk op vooruitgaan: werken gaat weer lonen!
Waarde politici, werkgevers en werknemers, zowel ons land als het Westen snakken naar een fundamentele vernieuwing van de democratische rechtsstaat. Voor deze fundamentele verandering ligt een Masterplan1 met concrete oplossingen voor u klaar.
OpinieZ bestaat dankzij u! Geen betaalmuur, geen subsidie — OpinieZ is gratis omdat lezers zoals u ons steunen. Iedere bijdrage helpt ons onafhankelijk te blijven. |
|


Het is me niet helemaal duidelijk uit welke inkomsten de overheid de 200 mrd basisinkomen gaat betalen.
Ook is in Thorbecke 2.0 de AOW verdwenen. Want het basisinkomen blijft gewoon doorbetaald worden na het 65ste levensjaar?
Ook daar mis ik de inkomstenkant. Er zal toch ergens belasting geheven moeten worden om die inkomsten te regelen.
Tenslotte verandert dit niets aan de immigratie. Dat is nu juist de factor die de prijzen van huizen en grond opdrijft en die prijzen werken in alles door.
Ik acht het stuk een waardevol gedachtenexperiment als basis voor een (noodzakelijke) omwenteling. Want te veel mensen misbruiken de belastingbetaler nu als eeuwigdurende gratis pinautomaat en/of frauderen er lustig op los. En u heeft gelijk: vrijwel elk migrainedossier is uiteindelijk terug te voeren op de ongebreidelde massa-immigratie. Zolang dat niet wordt opgelost, gaat er niets verbeteren. Integendeel.
Volgens mij zijn de uitwassen van het financiële stelsel niet de schuld van de democratie maar van individuele ondemocratisch gedag. In een gezonde democratie heeft ook het individu een belangrijke inbreng te weten; oprechtheid naar zichzelf en naar de ander. Consequentie is dat geld komt waar het nodig is. De afgelopen 40 jaar was je slim als je met een smoes aan een uitkering kon komen (VUT, prepensioen, toeslagen) als dat niet nodig was. Er zijn mensen met toeslagen die woningenhuur opstrijken en bovenmodaal uitkomen.
Onze democratie verschuift telkens verder naar een dictatuur. De machthebbers trekken steeds meer taken naar zich toe, de bekende betutteling, de niet geringe bureaucratie groeit steeds verder en andere inzicht en zelfstandig denken wordt bestreden. De media hebben daar een grote rol sinds deze helemaal in de handen zijn van links en hun ideologie op een hersenspoelende wijze verspreiden. Daarmee is de democratie aan het verdwijnen en de dictatuur wordt steeds duidelijker. Ik heb het over socialisme en communisme. Dat is niet progressief maar juist een behoorlijke stap terug in de tijd.
Ziet er goed uit. Maar omdat dit en dergelijke vergezichten binnen mijn levenshorizon niet gerealiseerd zullen worden, concentreer ik mij op wat in onze door krankzinnigheid ontspoorde wereld nog wel aan goeds kan worden gedaan, met een zwaar accent op wat mijn naaste familie (kinderen en kleinkinderen) in de komende armoede behoeven. Daarbij bemoedig ik mijn kleinkinderen met schone spreuken als “na regen komt zonneschijn”.