Advertenties
Recent:

Democratie in het grootste moslimland ter wereld

Op 17 augustus bestaat het onafhankelijke Indonesië precies 70 jaar. In dat land van naar schatting 255 miljoen inwoners is 86% moslim, waarmee het ‘t land is met de grootste moslimpopulatie ter wereld. Toch is het, tenminste formeel, nu een democratie – op een enkel uitgezonderd gebied (Aceh) na. Hoe komt dat? Ik ga een poging doen om dat te verklaren.

Ten tijde van de onafhankelijkheidsstrijd met Nederland was er een grote factie die van Indonesië een islamitische staat wilde maken. Het is te danken aan Soekarno en Hatta dat dat niet is gebeurd. Zij hebben de staatsideologie Pancasila ontwikkeld, die tot op de dag van vandaag de kernwaarden van Indonesië omvat en daarmee de basis van de wetgeving en de democratie vormt.

De eerste kernwaarde Ketuhanan Yang Maha Esa (“Geloof in de enige en ene god”) is een heel belangrijke. Iedere Indonesiër (en buitenlander met een permanente verblijfsvergunning) móet een monotheïstische godsdienst hebben, maar heeft de vrijheid te kiezen welke. Voor de duidelijkheid: ook Hindoeïsme en Boeddhisme vallen in Indonesië onder de noemer “monotheïstisch”.

Tezamen met de andere kernwaarden van de Pancasila betekent dat, dat er geen enkele vorm van ongelijkwaardigheid mag bestaan op basis van godsdienst, of etniciteit, of welke andere onderscheidende factor dan ook.

En dáárin zit ‘m de kneep. Waar bijvoorbeeld in Nederland moslims een uitzonderingspositie (lees: voorkeursbehandeling) kunnen opeisen en vaak krijgen, is dat in Indonesië in principe onmogelijk. Het land accepteert geen enkele wet boven de Indonesische grondwet en daarmee dus ook de sharia niet.

Daarom heeft het land een ministerie van godsdienstzaken die één en ander moet bewaken. Dit ministerie is nauw verbonden met de centrale raad voor de Indonesische Ulema (MUI, de islamitische geloofsgemeenschap. De MUI is daarmee instrumenteel in het beschermen van ándere religies dan de islam – een unicum.

Dat gaat in de praktijk zeker niet altijd goed – voorbeelden van religieus geïnspireerde moorden op christenen, ahmadiyya, shiieten zijn er genoeg te vinden. Maar voor een land waar ruim 220 miljoen moslims met 30 miljoen anders-gelovigen samenleven, mag dat aantal als laag worden aangemerkt.

Dat komt mede omdat Indonesië een actief beleid tegen extremisme voert dat vruchten afwerpt. Aan de ene kant worden terroristen keihard aangepakt door Densus88, de antiterreureenheid die na de Bali bombings is opgericht. Aan de andere kant wordt de bevolking betrokken bij het creëren van een klimaat waarin terrorisme niet of nauwelijks voedingsbodem heeft. Dit beleid vindt u hier, in PDF-formaat.

Daarmee is niet gezegd dat het land beschermd is tegen islamisering. Met name de grote hoeveelheid geld die de Arabische landen spenderen aan het verspreiden van de (fundamentalistische) islam in Indonesië is een bron van zorg: de uiterlijke effecten ervan zijn goed zichtbaar. Veel meer moskeeën, hoofddoekjes, islamitische televisie en inperking van vrijheden, die vroeger normaal waren, zoals bier in supermarkten.

Maar toch: de fundamentalistische islampartijen verliezen aan populariteit, veel Indonesiërs lijken genoeg te krijgen van de verstikking van de islam. Zo wint het hindoeïsme op Oost-Java terrein en is het de fanatici van de FPI niet gelukt om de christelijke gouverneur van Jakarta, Ahok, weg te krijgen.

De afgelopen 70 jaar ging het hier redelijk goed, maar waar het uiteindelijk heen gaat? Ik weet het niet. Men zegt hier: “Wees een kever die in een bloementuin leeft, geen vlieg die leeft op een vuilnisbelt.”* Het kan twee kanten op, je bepaalt je leven zelf en dat geldt dus ook voor wat de Indonesiërs van hun land willen maken.

* “Jadilah kumbang, hidup sekali di taman bunga, jangan jadi lalat, hidup sekali di bukit sampah.”

Advertenties
About vraagstaart (4 Articles)
Nom de plume van Saleh ud Din, columnist, libertariër en (ex-)moslim. Voor Europa, dus tegen het EU-kalifaat. Stijlloos roze anoniem lafbekje.