.wp-block-jetpack-rating-star span.screen-reader-text { border: 0; clip-path: inset(50%); height: 1px; margin: -1px; overflow: hidden; padding: 0; position: absolute; width: 1px; word-wrap: normal; }

Site icoon OpinieZ

Oekraïne wordt lid van de EU, wat Rutte ook moge beweren

Er is veel rumoer en verhit debat over het Oekraïnereferendum van 6 april. Voor- en tegenstanders van de associatieovereenkomst verketteren elkaar.

Van beide kanten wordt verkondigd dat bij een verkeerde keuze in het stemhokje het einde van Nederland, de EU en/of de vrije wereld nabij is. Hoe verschillend hun analyse ook is, in deze dramatische Götterdämmerungconclusie vinden de extremen elkaar.

De discussie spitst zich ruwweg toe op de vraag of het verdrag nu beschouwd moet worden als opmaat tot het EU-lidmaatschap van Oekraïne of niet. Zo ja, dan speelt de – mijns inziens terechte – vervolgvraag of we een land, dat het op zijn zachtst gezegd niet echt nauw neemt met de democratie en met elementaire vrijheden en grondrechten, bij de EU moeten willen hebben.

Ik vroeg mij af wat hierover is gezegd door het kabinet in de goedkeuringswet over de associatieovereenkomst. Daarvoor heb ik de memorie van toelichting op die wet er op nageslagen.

een status die vergelijkbaar is met het lidmaatschap van de EU

Volgens de memorie van toelichting gaat het hier om een associatieakkoord met een “derde land”, gericht op vooral politieke samenwerking en wegnemen van handelsbelemmeringen. Er wordt gestreefd naar het creëren van een “diepe en brede vrijhandelszone” met Oekraïne en zelfs naar uiteindelijke economische integratie van het land in de interne markt van de EU. Oekraïne zal op dat gebied dezelfde rechten krijgen als lidstaten van de EU.

De memorie van toelichting zegt verder: “De overige delen van het Akkoord richten zich op cruciale hervormingen, economisch herstel en economische groei, evenals bestuurlijke en sectorale samenwerking op een breed scala aan terreinen. Het Akkoord legt sterke nadruk op kernwaarden als democratie en rechtsstaat, mensenrechten en fundamentele vrijheden, goed bestuur, een markteconomie en duurzame ontwikkeling. Het Akkoord behelst zo ook een hervormingsagenda voor Oekraïne”.

Economische integratie van Oekraïne in de EU en politieke en maatschappelijke hervorming van het land op basis van “Europese waarden” zijn dus de trefwoorden van de associatieovereenkomst. Gaat het dan toch – naar de letter, dan wel naar de geest – om een status die vergelijkbaar is met het lidmaatschap van de EU? Een cruciale vraag, waar het kabinet in de ambtelijke en omzichtige toonzetting van de memorie van toelichting helaas geen duidelijk antwoord op geeft.

In de memorie van toelichting wordt gezegd dat dit zogeheten “Oostelijk Partnerschap” een alternatief pad is voor het EU-lidmaatschapstraject. De associatieovereenkomst houdt dus officiëel geen lidmaatschap van de EU in. Maar als je kijkt naar gebieden waarop “de bilaterale betrekkingen op een duurzame en vergaande manier kunnen worden geconsolideerd en versterkt”, omvat dat intensieve samenwerking en afstemming op zo ongeveer alle beleidsterreinen van de EU: buitenland-, veiligheids- en defensiebeleid (GBVB), non-proliferatie van massavernietigingswapens, duurzame ontwikkeling, tegengaan illegale immigratie, fraudebestrijding, economische hervorming, sociale en culturele samenwerking etc.

Oekraine wordt geacht zich te volledig te
conformeren naar het model van de EU

Mijn conclusie: wat de EU nastreeft is een niet eerder vertoonde, zeer vergaande vorm van bilaterale samenwerking. Waarbij het om veel meer gaat dan alleen handelsvoordelen en een gemeenschappelijke interne markt. Oekraïne wordt geacht zich volledig te conformeren aan het model van de EU en dezelfde normen, waarden en regels te onderschrijven. Formeel geen EU-lidmaatschap, materieel wel, hoezeer Rutte, Koenders, Timmermans en andere EU-hotemetoten dit ook ontkennen.

En wat staat het EU-lidmaatschap nog in de weg als Oekraïne in de praktijk vrijwel dezelfde rechten en plichten gaat genieten als een lidstaat? Zo’n LAT-relatie is ook nog eens gevaarlijker dan een echt lidmaatschap, want een niet-EU-lid kan je bij problemen nauwelijks tot de orde roepen.

Ik weet dus wat ik ga stemmen op 6 april.

Over de auteur

Asher
Mobiele versie afsluiten