Advertenties
Recent:

Voorbij het politieke feminisme (2)

In de postmoderne tijd moet het feminisme depolitiseren

In het eerste deel van dit tweeluik richtte ik me vooral op de politieke situatie van het feminisme. De stroming blijft maar vasthouden aan haar politieke wortels omdat ze bang is om anders irrelevant te worden.

Omdat de politieke strijd al zo ver gevorderd is, kan het feminisme niet anders dan irrelevante thema’s belangrijk maken, omdat ze nu eenmaal vanuit haar aard wil politiseren. Maar juist als ze dat los durft te laten en de vraag naar het vormgeven van het leven van de vrouw in de postmoderne wereld centraal durft te stellen, kan ze weer opnieuw relevant worden.

Seksualiteit
Naomi Wolf schrijft in haar werk Promiscuity dat de moderne westerse vrouw geen overgangsriten heeft om haar te begeleiden van meisje tot vrouw in haar seksualiteit. Tot aan de jaren ’60 was de vrouw niet zozeer een seksueel wezen, maar een liefhebbende moeder die thuis met de scepter zwaaide, natuurlijk wel slechts voor zoverre de man dat toeliet. Vanaf de jaren ’60 echter, mocht de vrouw weer vrouw zijn: ze was meer dan moeder, ze was menselijk, sensueel, seksueel en dat mocht ze ook omarmen. Maar hier ontstaat ook een nieuwe kwetsbaarheid voor de vrouw: de gaze van de man, de markt en de media die nu precies van die nieuw verworven vrijheid een onderdrukking maakt – de dialectiek der verlichting gaat niet alleen voor de rede om, zeg maar -. Ook de vrouw staat nu in haar eentje tegenover die systemen wiens aard het is om in haar leefwereld en zelfs in haar existentie te dringen.

En natuurlijk is dit niet eenduidig: waar moet je je op richten als je een verandering wil bewerkstelligen: het systeem (politiek), subsystemen (onderwijs, bijvoorbeeld), het individu? De ene zal zeggen dat het systeem moet veranderen, de ander zal zeggen dat het individu zichzelf maar weerbaarder moet maken. Ik kan hier het antwoord ook niet geven. Maar ik durf wel te zeggen dat het feminisme in de politisering van zichzelf de andere aspecten te lang heeft genegeerd. Uit angst irrelevant te worden, is ze misschien juist wel irrelevant(er) geworden.

Sletterig of puriteins
Je kunt wel blijven proberen om dat systeem te veranderen, maar dat systeem wordt toch nooit exact wat je verlangt wat het wordt. De vraag naar het individu en subsystemen is altijd van belang omdat het allemaal in relatie staat tot elkaar. Maar het feminisme heeft dat veronachtzaamd. Een vriendin zei me laatst: “wij willen ook gewoon sletterig (interessante woordkeuze, natuurlijk, die nog steeds voortkomt uit het puriteinse denken die aan de vrouwelijke seksualiteit een soort niet-hier-horen toekent) kunnen zijn, we zijn immers kinderen van de jaren ’60. Tegelijkertijd zijn we ook kinderen van de puriteinse cultuur die nog overal aanwezig is, en zelfs sterker lijkt te worden. Daarom kan ik, en ik denk veel vrouwen met mij, alleen uiting geven aan de geilheid binnen een toch nog kuisachtig ritueel.”

Naar mijn idee komt dit weinig aan bod, omdat het niet gepolitiseerd kan worden. Maar dit lijkt me wel de kern voor een waardevol en betekenisvol bestaan in het vrouw-zijn (en mens-zijn, natuurlijk): ik ben geëmancipeerd, ik heb alle juridische mogelijkheden, ik ben vrij, maar wat nu? Hoe geef ik in hemelsnaam vorm aan dat leven?

Ontwortelde slavinnen
Steeds meer heb ik het idee dat de vrouwen die ik ontmoet een soort verdwaaldheid lijken te hebben – en ik zeg dit niet seksistisch, maar barmhartig – en misschien hebben mannen dat ook wel. Maar zie ik dat niet omdat de mannen en ikzelf dezelfde zoektocht hebben waardoor ik dus niet geconfronteerd wordt met een zoektocht die anders is dan de mijne -. Oscar Wilde schreef in The picture of Dorian Grey: “vrouwen zijn nog steeds slavinnen, op zoek naar een meester”. Dit is natuurlijk onzin, maar wat ik wel vaak tegen kom is de volgende houding: ik weet het niet meer, in die postmoderne wereld waarin ik zoveel moet willen zijn en moet omarmen, wie leidt mij de weg?

Depolitiseren
Als, toegegeven, toch een beetje een buitenstaander, snap ik niet zo goed dat deze vraag niet alomtegenwoordig is binnen het feminisme: hoe geven we vorm aan dat vrije leven van de individuele vrouw die naakt tegenover al die systemen staat en ook in zichzelf een conflict ervaart tussen twee culturele werelden; de puriteinse en de post-jaren ’60 wereld? Westers feminisme zou, vind ik, de moed moeten vinden om zichzelf deels te depolitiseren en zich te richten op het domein waar het echt van belang is dat er nagedacht wordt over de situatie van de vrouw.

Voorbij de politiek
De politiek is immers toch nooit af, nooit voltooid, de huidige strijd is dusdanig ideologisch dat het veel meer conflict veroorzaakt dan dat het nu echt een vooruitgang in zich draagt. Hoe dat dan precies moet, weet ik ook niet, maar daarom is het nu juist de moedige stap, net als dat de denkers van de Franse filosofie bundel dat deden: met het feminisme voorbij het politieke feminisme denken en op die manier een substantieel debat voeren over de situatie van de Westerse vrouw. Lijkt me een stuk constructiever en zinniger dan boos worden om wat de Hiddemeister nu weer heeft gezegd in een interview dat over een week toch alweer door iedereen vergeten is.

En als het feminisme dan toch zo graag politiek wil zijn, laat ze zich dan richten op de islam: daar valt immers nog wel een wereldje of twee winnen voor de vrouw.

© OpinieZ.com 2017. U kunt dit artikel delen via de knoppen onder de advertenties 👇🏽.

Advertenties
About Peter van Duyvenvoorde (45 Articles)
Masterstudent filosofie en theologie
%d bloggers liken dit: